Passie voor restauratie en herbestemming
Vitalis WoonZorg Groep heeft verschillende architectenbureaus gevraagd een visie te geven op de herontwikkeling van de bestaande gebouwen en aanvullende nieuwbouw. SATIJNplus Architecten uit Born is overtuigend als beste naar voren gekomen. Rob Brouwers, architect en één van de partners in het bureau vertelt: ‘wij hebben als bureau veel ervaring in restauratie en herbestemming van gebouwen. Bij onze visie op de Klokkenberg kwam die ervaring goed van pas. Bovendien is mijn collega Leo Petit zeer bedreven in het toevoegen en inpassen van nieuwbouw, met name in de zorg. Wij vullen elkaar goed aan. Door met elkaar in debat te gaan en elkaar regelmatig een spiegel voor te houden ontstaan er de meest verrassende oplossingen. Bij de Klokkenberg speelt ook mee dat wijzelf qua leeftijd zo langzamerhand tot de doelgroep behoren. Wij kunnen ons dan ook goed inleven in de behoefte van de toekomstige bewoners.’
Verschillende karakters
Rob Brouwers: ‘in de visie van SATIJNplus zijn er op het landgoed verschillende gebieden. Ieder met hun eigen karakter. Centraal ligt het hoofdgebouw. Dat is samen met de gebouwen eromheen te zien als een ensemble. De Groene Kamer, waarin nu boerderij Sweep en de Berkenhofschool staan, heeft een op zichzelf staand karakter. Boerderij Schoondonk aan de Dreef staat ook op zichzelf met een eigen identiteit en sfeer, net als het Ketelhuis aan de andere kant van het hoofdgebouw. Ieder gebied vraagt om een eigen benadering. Met als opgave van Vitalis er geen nieuwe instelling van te maken met lange gangen, maar wonen gericht op het individu met zorg bij de hand.’
Opvallend en imposant
‘Wat mij meteen opviel bij ons eerste bezoek aan het landgoed is de imposante ligging van het gebouw’, vervolgt Rob Brouwers. ‘Het hoofdgebouw zorgt voor een boeiende structuur in het landschap. De schaal is heel bijzonder. Je kan er bijna niet omheen, letterlijk en figuurlijk. Het vormt een landmark in het Markdal. De torentjes zijn van verre te zien en vormen voor velen een baken van rust en vertrouwdheid op weg naar huis. Verder was ik vooral gefrappeerd door de twee pleinen tussen de kapel en het hoofdgebouw. Het zijn bijzondere plekken. Als een binnenhof markeren zij de afstand tussen de zieken in het hoofdgebouw en de gezonde mensen daarbuiten. De zusters in het zusterhuis en de andere verzorgenden in het economiegebouw. Verbonden door lange gangen, die de pleinen omsluiten.’
Inspiratie door kijken
‘Bij de start van een project is het belangrijk om er achter te komen hoe een gebouw in elkaar zit en waarom juist zo. Door een gebouw goed te doorgronden krijg je inspiratie om nieuwe mogelijkheden en oplossingen te zien. Door die werkwijze hebben wij als bureau in de 50 jaar dat het bestaat een goede reputatie opgebouwd. Wij hebben veel aansprekende herbestemmingsprojecten op onze naam staan. Vaak in combinatie met nieuwbouw. Naast architectuur, heb ik ook veel belangstelling voor cultuur en historie. Vandaar ook mijn deelname aan welstands/monumentencommissies in Den Bosch, Maastricht, Thorn en Arnhem.
In mijn werk leer ik zeker zoveel als ik anderen zou kunnen vertellen.’
‘Momenteel ben ik bezig met de uitwerking van de plannen voor de Klokkenberg. Door de aanwijzing tot Rijksmonument moeten de voorgestelde wijzigingen en toevoegingen aan hoge eisen voldoen. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed kijkt kritisch over de schouder mee. Voor mij een extra uitdaging om er iets moois van te maken. Interessant aan de architectuur is het sobere traditionalisme dat te zien is aan de details en het gebruik van materialen: metselwerk, natuursteen, hout, schuine daken en dakkapellen. Architect De Bever staat daarom bekend. Hij heeft samengewerkt met architect Van Moorsel die beton toe ging passen. Dat is te zien aan de lighallen aan de zuidzijde van het hoofdgebouw. Het Nieuwe Bouwen met gebruik van beton, staal en glas in aansluiting op een traditioneel gebouw. Voor ons is de cirkel rond.’
Begeleiding restauratie
Tot slot vertelt Rob Brouwers dat Vitalis van de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen subsidie heeft ontvangen voor de restauratie van het ensemble. ‘Ons bureau heeft daarvoor in opdracht van Vitalis het restauratieplan opgesteld en ingediend bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Onder onze begeleiding start het werk begin 2012. Het betreft voornamelijk onderhoudswerkzaamheden aan het dak, de vele dakkapellen en schilderwerk om het casco in stand te houden. De muts, paraplu moet namelijk goed zijn voor je begint aan het vernieuwen van de binnenzijde.’

